|
|
1. Een moeder leeft in droef getraan Haar zoon wil naar den vreemde gaan De wereld is zo schoon en prachtig Moeders tranen zijn almachtig. Ach moeder, ween toch niet zo zeer Wij zien elkaar nog wel eens weer Gedreven door de smart Drukt zij hem stevig aan haar hart.
Refrein: Vogel vliegt de wereld in Luistert niet naar moeders min Leeft in weelde, kent geen verdriet Maar zijn moeder vergeet hem niet.
2. In heel dat grote wijde veld Verdient de zoon veel sommen geld Maar ach helaas, hij kent geen zorgen Leeft van heden maar tot morgen. Terwijl zijn moeder lijdt in nood En werkt en zwoegt voor dagelijks brood Blikt zij weer door 't venster uit Snikt zij weer in tranen luid.
Refrein: Vogel vliegt de wereld in Luistert niet naar moeders min Leeft in weelde, wijl moeder lijdt Maar hij kent geen dankbaarheid.
3. Vervlogen is 't geluk der zoon Hij keert terug naar moeders woon Geheel alleen en gans verlaten Dwaalt hij nu door die straten. Hij slaat een blik op 't huisje neer Maar wie hij zoekt is er niet meer Gelijk een snijdend koor Dringt hem zeer duidelijk door.
Refrein: Vogel vliegt naar 't kerkhof heen Rust moeders lijk, hij gaat er heen Weent voordat hij henen gaat Maar zijn berouw komt veel te laat.
| |
|
Dames Dings: opnamebestand (Anna van Gog - Dings en Jeannette van der Putten - Dings)
|
[1991-1999]
|
|
|
|
|
|